Binnenkijken bij het bedrijf Goal 3 en ondernemers Niek Versteegde & Jelle Schuitemaker

Binnenkijken bij...

Binnenkijken bij het bedrijf Goal 3 en ondernemers Niek Versteegde & Jelle Schuitemaker

03 januari 2023

Goal 3 is het levensdoel van een aantal tech-ondernemers om kinderen in ontwikkelingslanden betere zorg te bieden.

Niek Versteegde 37 jaar oud, getrouwd en heeft twee kinderen Guus (6) en Jet (3). Is eerst tropenarts geweest en heeft daarna In Tanzania gezeten. Daar heeft hij de inspiratie gevonden om een sociale onderneming op te richten. Nadat hij er in 2016 wegging heeft hij de huisartsenopleiding gedaan en een Master in International Health. Daar ontmoette hij Bart Bierling, die bezig was met de ontwikkeling van een patiëntmonitor voor baby’s in ontwikkelingslanden. Niek had toentertijd een couveuse-afdeling opgezet in het ziekenhuis waar hij werkte. Eén plus één was voor hen drie. Niek en Bart richtte toen samen met Tijs Versteegde en Balt Leenman Goal 3 op, waar Kevin Gerrits zich heel kort na de oprichting bijvoegde en de groep van de Founding Fathers compleet maakte.

Jelle Schuitemaker 26 jaar oud, komt oorspronkelijk uit de regio Amersfoort, heeft in Eindhoven een master Technische Bedrijfskunde gericht op Innovation Management afgerond. Wat ging over product innovatie startups. “Daar heb ik geleerd hoe je de juiste markten vindt voor producten en hoe je klanten vindt voor jouw producten”. Is twee jaar geleden getrouwd en in Den Bosch gaan wonen en is toen een klein beetje Bosschenaar geworden, maar niet helemaal. Raakte een tijdje geleden met Bart aan de praat over de ontwikkelingen van hun product. Is toen aangehaakt met Goal 3 in wording en nu woonachtig in de Kigali, de hoofdstad van Rwanda om hier Goal 3 verder te laten groeien.

Niek Versteegde ondersteunt een lokale arts die haar medewerker kennis laat maken met nieuwe apparatuur.

Lokale artsen worden opgeleid volgens de nieuwe werkwijze van Goal 3.

Laten we luchtig beginnen, wat is je lievelingsboek?

Jelle: “Dat is voor mij denk ik Crossing the Chasm van Geoffrey Moore. Dat gaat over hoe nieuwe producten geadopteerd worden door de markt. Van de Early Innovators naar de Early Adopters om vervolgens ‘The Chasm’ te overstijgen en het product naar de Majority van de afnemers te krijgen. Heel interessant boek dat in lijn ligt met de dingen die ik doe.”
Niek: “Ik denk dat ik dan kies voor The Alchemist van Paulo Coelho. Iets minder functioneel, maar een erg mooi boek, waarin een mooie uitspraak staat; als je je eigen levenslot nastreeft dan spant het hele universum samen om te zorgen dat je dat bereikt. Dat gevoel van die uitspraak raakt wat mij betreft precies wat we met Goal 3 doen. Het voelt ook alsof we against the odds al zo veel mooie dingen bereikt hebben.”

 

’s Ochtends opstaan is voor beide heren niet erg moeilijk. Maar waar staan ze voor op?


Niek: “Toch wel voor Goal 3. En dat komt dan weer voort uit wat ik als arts in Tanzania heb gedaan, maar ook uit wat ik voor mijn kinderen voel. Ik heb verder de sterke overtuiging dat we, zijnde alle mensen, allemaal gelijk zijn. Dat, in combinatie met de passie en liefde die ik voor mijn kinderen voel, ervoor zorgt dat ik kinderen overal ter wereld dezelfde kans wil bieden. Dat betekent: iemand moet iets doen aan de situatie in Tanzania. En dus zijn wij dat gaan doen. Daar kom ik iedere dag mijn bed voor uit en daardoor kost het nooit echt moeite om voor Goal 3 te werken. Daar leef ik echt voor.”
Jelle: “Op een andere manier heb ik dat ook. Wat mij in het algemeen heel erg aanspreekt is dat ik erin geloof dat ondernemen met technologie en startups veel oplossingen kan bieden voor veel grote uitdagingen in de wereld. Wij werken dan toevallig aan Goal 3, maar er zijn nog veel meer dingen. Hier in Rwanda is bijvoorbeeld de werkloosheid groot. Ik kan dus ook heel erg goed mijn bed uit komen met het idee dat ik mensen een baan kan bieden waarin mensen skills leren en groeien op een manier die ze anders wellicht nooit was gelukt. Dus in de breedte: startups inzetten om de wereld een betere plek te maken, is wel echt waar ik mijn bed voor uit kom.”

833

Het heeft de ambitie om in 2030 op een wereldwijde schaal impact te maken in health care.

Een concrete uitleg over wat Goal 3 nu precies doet.

Niek legt het uit: “Het begint allemaal bij de behoefte. In Afrikaanse context kun je ervan uitgaan dat een ziekenhuis met een budget vergelijkbaar met een kleine huisartsenpraktijk in Nederland zorg moet bieden aan een populatie van ongeveer een half miljoen mensen. Veel patiënten, relatief weinig lager opgeleid personeel, minder artsen, weinig specialisten. De belangrijke vraag is: hoe ga je zorg leveren op het juiste moment. Bij kinderen gaat het vaak om dingen die goed te behandelen zijn, maar je moet het goed doen en op het juiste moment. De helft tot twee derde van de huidige kindersterfte komt omdat de kwaliteit van zorg niet goed is. Met Goal 3 willen wij dat probleem oplossen, dus met minder middelen meer bereiken. Daar past ons Impala monitoringssysteem bij. Dat systeem bestaat uit meerdere monitoringapparaten die gekoppeld zijn aan een tablet. Dat zorgt voor inzichtelijke data, betere prioriteiten, beter en eerder ingrijpen, efficiëntere patiëntenstromen doordat je patiënten met lagere urgentie bijvoorbeeld eerder weg kunt sturen. Daardoor kun je met de relatief weinig middelen die ze daar hebben dus toch effectievere zorg leveren.”

Een van de medewerkers van Goal 3 geeft uitleg over het Impala Monitoringssysteem.

En die naam, waar komt die vandaan?

Het derde doel  van de 17 Sustainable Development Goals voor 2030 van de Verenigde Naties is Good Health & Wellbeing. De naam Goal 3 is een verwijzing naar die doelstelling, maar indirect dus ook naar de andere doelen, zoals het creëren van werkgelegenheid. En het spreekt met deze verwijzing ook de ambitie van Goal 3 uit om in 2030 op een wereldwijde schaal impact te maken in health care.

Wat is tot nu toe jouw grootste succes als ondernemer geweest?

Niek: “Het team en de mensen om me heen. Grootste succes van alles. Ik heb een duidelijk idee en een visie, maar zonder het team, dat hier écht aan meewerkt, dat maakt een wereld van verschil, daar ben ik trots op en haal ik energie uit!”

“In Nederland is het heel rechtlijnig: ‘nee’ als het je niet aan staat en ‘ja’ als je het wel wil. In Afrika is dat wat flexibeler, overal is over te onderhandelen. Die vrijheid is hier nog en dat heeft wel iets.”

Hoe gaat zaken doen in Rwanda?

Jelle: “Heel veel van ons hadden weinig ervaring met zaken doen in Afrika en dat is echt en vak apart. Vragen komen naar boven zoals: hoe krijg je hier dingen in een contract en ook als je een contract hebt, hoe zorg je ervoor dat een contract iets betekent? Hoe bouw je partnerschappen op die verder gaan dan alleen maar het geven van geld aan een partner? Een voorbeeld is de vereniging van kinderartsen, dat is inmiddels al een jaar een hele betrouwbare partner waar we heel veel informatie van krijgen en die heel veel deuren open zetten voor ons, omdat ze het gezamenlijke doel inzien, en dat is het verbeteren van de kindergeneeskunde. Het vinden van die gezamenlijke doelen met partners is wel een succes.”

Groot verschil tussen zaken doen in Rwanda of in Nederland? “Geld is heel snel een issue. Je moet jezelf hier de vraag stellen of je ergens voor wil betalen. Maar ook: hoe kan ik gezamenlijke verantwoordelijkheden vinden waarbij geld niet de eerste prioriteit is? Geld is vaak leidend, maar wat wij doen gaat niet over geld. Ziekenhuizen willen kinderzorg verbeteren en wij willen hun kinderzorg verbeteren. In Nederland zijn we heel direct: kom met een contract, maken afspraken, kom met een pilot en ga aan de slag. Wat wij wellicht kunnen leren is dat er vaker ruimte is voor onderhandeling dan we denken. In Nederland is het heel rechtlijnig: nee als het je niet aan staat en ja als je het wel wil. In Afrika is dat flexibeler. Overal is over te onderhandelen. Die vrijheid is hier nog en dat heeft wel iets.”

Wanneer hebben jullie succes?

Niek: “Als we een financieel duurzaam bedrijf hebben waar we binnen ons mooie team op grote schaal impact maken. En er zijn natuurlijk nog veel andere dingen die daarin succes kunnen betekenen, maar het is wel de stip op de horizon waar we voor gaan.”

 

835
835

“Mijn canary in the coalmine: Als ik bijvoorbeeld geen energie heb om mijn kids een verhaaltje te vertellen voor het slapengaan, dan weet ik: oh, even een stapje terug op werk.”

Hoe ziet jullie work-life-balance eruit en hoe verzorg je die?

Niek: “Ik bewaak de balans door in de gaten te houden hoeveel energie ik kan steken in Goal 3. Dat het mentaal en fysiek goed gaat met mij en mijn gezin is daarbij geen toevallige uitkomst, maar een eerste voorwaarde. Bewust omgaan door de vraag te stellen hoe mijn dag of week was speelt daarin een belangrijke rol. Wel blijft het altijd in beweging. De ene keer pieken op werk, andere keer thuis meer aandacht en energie. Als ik bijvoorbeeld geen energie heb om mijn kids een verhaaltje te vertellen voor het slapengaan, dan weet ik: oh, even een stapje terug op werk. Dat is wel mijn belangrijkste canary in the coalmine denk ik.
Jelle: “Mijn privéleven is wat minder druk dan Niek. Als mijn vrouw gelukkig is, dan is het eigenlijk al goed. Verder zit ik nu natuurlijk in Rwanda voor werk, waardoor mijn werk aanwezig is in heel veel dingen die ik hier doe. Natuurlijk zorg ik wel voor de nodige ontspanning door bijvoorbeeld een serie te kijken of iets dergelijks.”

En als het aankomt op inspiratie, wie of wat inspireert de heren?

Niek: “Mijn kinderen. Eigenlijk zijn mijn kinderen ook mijn dagelijkse reminder om alle kinderen op de wereld te willen helpen. Er zijn meer dingen die me inspireren, maar eigenlijk is alles terug te brengen naar mijn kinderen.”
Jelle: “Ik ben christelijk en het geloof is voor mij heel erg belangrijk. Het gaat over de waarden van zorgen voor je naasten en de wereld. De wereld is er niet voor mij, maar ik ben er om de wereld ook een stukje mooier te maken.”

Hoe zijn jullie bij Grasso terechtgekomen?

Jelle: “Eigenlijk zijn we ooit in Den Bosch terechtgekomen omdat de meesten die bij Goal 3 werkten van de TU Eindhoven kwamen en Niek en Bart naar Utrecht verhuisden. Den Bosch zit er mooi tussenin. Toen zijn we in het JADS, Jheronimus Academy of Data Science, beland. Het hele bedrijf is toen om Den Bosch heen gegroeid. Toen we op een gegeven moment weg moesten uit het JADS was Grasso eigenlijk een logische stap, vooral doordat er meer jonge bedrijven uit de IT en databedrijven zaten. Voor vragen over developer-dingen kun je dan ook naar je buurman lopen. Dat is een fijn idee, al hebben we daar nog niet heel veel gebruik van gemaakt geloof ik.”

Hebben jullie al meerwaarde ondervonden binnen de community?

Niek: “Misschien nog niet heel erg. Denk dat dat door twee dingen komt. Enerzijds zijn we zelf nog heel erg in de startup fase en dus intern nog aan het zoeken op veel vlakken. Daarnaast hebben we met health care in Afrika natuurlijk een heel specifieke scope.”

Zijn er tips of adviezen wat de community beter kan doen?

Jelle: “Ik kan me voorstellen dat er veel waarde zit in het organiseren van evenementen die inhoudelijk over dingen gaan waar alle bedrijven iets mee te maken hebben. Bijvoorbeeld omtrent het terugvragen van loonbelasting voor technische medewerkers. Aan de andere kant zullen ondernemers dit zelf al uitgevogeld hebben. Verder zijn borrels en bijeenkomsten die juist wat luchtiger en gezellig zijn ook leuk denk ik. Of wat misschien nog mogelijk is: het voorstellen van bedrijven aan de hele groep. Momenteel kennen wij een hele hoop bedrijven niet, behalve van het koffiezetapparaat. Een gesprek komt denk ik makkelijker op gang als je elkaar al een beetje kent.”
Niek: “Ja, inderdaad. En dan zou ik het vooral niet online doen, maar juist hier op een bord hangen. Bijvoorbeeld dit interview, print het uit en hang het op het bord of leg twee A4’tjes op de koffietafel, dan gaan mensen het sneller lezen en is er een gespreksonderwerp.”

Wat is jullie gouden tip aan nieuwe data-ondernemers?

Niek: “Zorg dat je eerst duidelijk weet welk probleem je gaat oplossen en maak dan de allerbeste oplossing die met data mogelijk is.”
Jelle: “Inderdaad. Er zijn extreem veel data-consultancy bedrijven en die zitten allemaal in het veld van ‘de klant vertelt het probleem en ik kom met een data-oplossing’, ik denk dat het voor data-ondernemers beter andersom aangevlogen kan worden. Ga eerst op zoek naar een probleem en ga dan kijken of data een goede oplossing is en als dat zo is, bouw er dan iets goeds omheen.”

“Data-ondernemers, zorg dat je eerst duidelijk weet welk probleem je gaat oplossen, en maak dan de allerbeste oplossing die met data mogelijk is.”